Nieuws en publicaties

Einde aan slapende dienstverbanden

20 november 2019

Op 08-11-2019 publiceerde de Hoge Raad haar uitspraak over de problematiek rond ‘slapende dienstverbanden”. Werkgevers wilden langdurig zieke werknemers – vaak zonder enige kans op terugkeer bijvoorbeeld na IVA toekenning – (nog) geen transitievergoeding betalen na einde van de wachttijd. Werknemers bleven ‘slapend’ in dienst, terwijl werken en loon ontvangen niet meer aan de orde was. Oudere langdurig arbeidsongeschikte werknemers liepen daarmee de wettelijke transitievergoeding mis en bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd zou het recht op een transitievergoeding volledig kunnen vervallen.

De rechtbank Limburg kreeg een dergelijke zaak op de rol en verzocht gezien het grote belang de Hoge Raad om een uitspraak te doen over de vraag of, en zo ja, onder welke omstandigheden, een werkgever als ‘goed werkgever’ akkoord moet gaan met het voorstel van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer tot beëindiging van het ‘slapende dienstverband’, onder betaling van een transitievergoeding.   

De Hoge Raad bepaalde dat werkgevers werknemers niet in slapend dienstverband mogen houden met als doel betaling van de transitievergoeding te ontlopen. Als argumentatie werd o.a. gehanteerd dat door de Regeling compensatie transitievergoeding werkgevers door het UWV worden gecompenseerd voor betaling van de transitievergoeding aan langdurig arbeidsongeschikte werknemers zodat het argument dat werkgevers op kosten worden gejaagd, niet meer op gaat.

Duidelijk is daarnaast ook dat de wetgever af wil van ‘slapende dienstverbanden’. Op grond daarvan betekent ‘goed werkgeverschap’ dat werkgevers werknemers niet in ‘slapend dienstverband’ mogen houden, om de betaling van de transitievergoeding te ontlopen en rust op werkgevers daarmee de verplichting om, op verzoek van werknemers, het ‘slapende dienstverband’ te beëindigen, met betaling van de wettelijke transitievergoeding.

Dit kan anders zijn als de werkgever gerechtvaardigde belangen heeft om de arbeidsongeschikte werknemer toch in dienst te houden, bijvoorbeeld als er nog een reëel uitzicht is op re-integratie. De rechtbank Limburg beschikt nu over een richtlijn en zal daarmee rekeninghouden bij haar uitspraak in de aangehouden zaak.  

Naschrift
De uitspraak van de Hoge Raad zal in eventuele toekomstige juridische procedures leidend zijn. Werk aan de winkel voor de HR afdeling! Voor de volledige uitspraak klikt u op de link: ECLI:NL:HR:2019:1734

Auteur: Ad van Lieshout, www.lenm-advies.nl

Ad van LieshoutEinde aan slapende dienstverbanden